Verlangen geeft richting, maar geen voortbeweging
Verlangen ontstaat vanbinnenuit en wil zich naar buiten toe manifesteren.
Het is een innerlijke spanning, een gerichtheid, een “ja” dat in het lichaam en het hart opkomt en vorm zoekt in de wereld. Zonder uitdrukking blijft verlangen opgesloten; zonder innerlijke bron wordt uitdrukking leeg.
Binnen het verschil tussen man en vrouw krijgt dat naar-buiten-willen vaak een andere weg:
– bij de man zoekt het verlangen direct een uitgaande beweging — zichtbaar in keuze, focus, initiatief en toenadering;
– bij de vrouw zoekt het verlangen eerder een ontvangende vorm — zichtbaar in openen, uitnodigen en het scheppen van ruimte waarin het verlangde kan verschijnen.
In beide gevallen blijft verlangen dezelfde kern: een innerlijke kracht die gezien wil worden, maar die zich óf via beweging naar buiten, óf via magnetische aanwezigheid belichaamt.
Het misverstand van verlangen
De afgelopen jaren hoor ik steeds dezelfde zinnen terug.
In gesprekken over werk, in coachingstrajecten, in relatietherapieruimtes.
Ik weet heel goed wat ik wil.
Het verlangen is er echt.
Ik voel dat dit belangrijk voor me is.
Het verlangen zelf lijkt zelden het probleem. Integendeel: veel mensen kunnen het verrassend precies benoemen. Ze weten waar ze naartoe willen, wat hen raakt, wat er ontbreekt.
En toch blijft het vaak bij woorden.
De impliciete aanname is hardnekkig: als het verlangen er maar is, zal de realisatie vanzelf volgen. Alsof verlangen een startknop is. Of een meetbare variabele: voldoende intensiteit erin, en het systeem komt in beweging.
Wanneer dat niet gebeurt, trekken we meestal dezelfde conclusie: dan ontbreekt er iets aan mij. Te weinig motivatie. Te weinig discipline. Te weinig lef.
Maar wat als het probleem niet bij het individu ligt — en ook niet zozeer bij ‘de cultuur’ — maar bij de manier waarop onze tijd naar de mens kijkt?
We leven in een technocratische werkelijkheid waarin bijna alles meetbaar, planbaar en optimaliseerbaar moet zijn. Doelen worden SMART, voortgang wordt gemonitord, gedrag wordt verklaard in schema’s en modellen. Wat niet te meten is, verdwijnt al snel uit beeld.
Verlangen past daar slecht in.
Levenskracht al helemaal.
Beide zijn te grillig, te lichamelijk, te weinig lineair. Ze laten zich niet afdwingen en niet opschalen. En dus behandelen we verlangen alsof het een mentale beslissing is — iets wat je kunt hebben en vervolgens uitvoeren.
Maar verlangen werkt anders.
Verlangen wijst een richting aan.
Het zegt iets over waar leven wil stromen.
Wat het niet doet, is je automatisch in beweging zetten.
Verlangen geeft richting, maar geen voortbeweging.
Vier populaire strategieën
Wanneer verlangen niet vanzelf tot realisatie leidt, zoeken we verklaringen. Onze tijd biedt daar een beperkt, maar herkenbaar repertoire voor. Vier strategieën keren steeds terug. Ze verschillen in toon, maar delen eenzelfde uitgangspunt: verandering begint in het hoofd.
1 Wilskracht & motivatie
De meest intuïtieve verklaring is een tekort aan wil. Als het niet lukt, zal de motivatie wel onvoldoende zijn. Dus proberen we onszelf aan te spreken: strenger, consistenter, gedisciplineerder.
De psychologie heeft dit beeld inmiddels flink bijgesteld. Zelfcontrole blijkt geen stabiele eigenschap, maar een tijdelijke capaciteit. Stress, slaaptekort en emotionele belasting verminderen haar drastisch. Wat vroeger werd gezien als een karakterkwestie, blijkt vaak een energievraagstuk.
In het joodse denken bestaat hiervoor een sobere term: ratzon bilvad — wil alleen.
Een verlangen zonder lichaam.
Zonder dragende kracht blijft wil een wens, geen beweging.
2 Ratio & planning
Als wilskracht tekortschiet, wenden we ons tot het verstand. We maken plannen, stellen doelen, analyseren obstakels. Helderheid moet doen wat motivatie niet kan.
Maar ook hier is de kloof bekend. Weten wat goed is, leidt opvallend vaak niet tot doen wat goed is. De psychologie spreekt van de knowing–doing gap: inzicht verandert gedrag zelden rechtstreeks.
Het joodse denken benoemt dit scherper: chochma — inzicht — zonder gevura, daadkracht, blijft abstract. Begrip kan richting geven, maar het tilt het lichaam niet op.
3 Mindset & manifestatie
De meer hedendaagse variant verschuift de focus van denken naar geloven. Visualiseer het gewenste, houd je gedachten positief, en de werkelijkheid volgt.
Verwachtingseffecten zijn reëel. Het placebo-effect laat zien dat overtuiging invloed heeft op ervaring en gedrag. Maar het effect is fragiel en contextafhankelijk. Zonder structurele draagkracht blijft het tijdelijk.
Het joodse denken is hier opvallend nuchter. Gedachten die losstaan van handelen gelden niet als spiritueel hoogstaand, maar als leeg. Intentie krijgt pas betekenis waar ze zich belichaamt!
4 Go with the flow
Als reactie op al dat forceren klinkt steeds vaker het advies om los te laten. Vertrouw het proces. Dwing niets af.
Soms is dat wijs. Overgave kan spanning verminderen en ruimte scheppen. Maar het onderscheid met vermijding is dun. Niet elke terugtrekking is (te) vertrouwen.
In joodse termen: bitachon — vertrouwen — is geen passiviteit. Het is handelen zonder kramp, niet het vermijden van keuze of verantwoordelijkheid. Ik doe wat ik moet doen en God doet wat ik niet kan doen.
Wat deze strategieën gemeen hebben, is niet dat ze onzin zijn. Elk raakt iets werkelijks.
Maar ze zoeken de motor van verandering allemaal op dezelfde plek: in de cognitie. En daar zit hij niet (alleen).
Levenskracht in het joodse denken
In het jodendom begint handelen niet bovenin, in het hoofd, maar van onderen, in het lichaam en de dagelijkse praktijk. Drie niveaus van de ziel — nefesh, ruach en neshama — tonen dat levensenergie zich uitstrekt van het instinctieve naar het spirituele. Handelen begint onderin, en pas naarmate het zich heeft verdicht naar het hogere kan het verlangen volledig tot realisatie komen.
Deze energie hoeft niet perfect of puur te zijn. Het yetzer hara — vaak verkeerd begrepen als het slechte in de mens — is in feite een rauwe levensdrift die richting nodig heeft. Zonder dit ongetemde potentieel gebeurt er niets; met het juiste kader en intentie kan het dezelfde energie worden die verlangens in beweging zet. Tegenslagen, obstakels of kleine crises zijn geen toeval, maar maken deel uit van het proces: het test de draagkracht van het verlangen en de vaardigheid om energie geconcentreerd te gebruiken.
Het praktische aspect van het joodse denken komt duidelijk naar voren in de mitswot. Deze geboden zijn niet alleen morele regels; ze zijn lichamelijke spiritualiteit. Doen vóór begrijpen. Door concrete handelingen, rituelen en gewoonten te herhalen, wordt het lichaam een drager van levenskracht, en krijgt verlangen een weg om zich daadwerkelijk te manifesteren.
Ook ritmes zoals de Sjabbat zijn niet alleen symbolisch, maar structureel: een vaste pauze voor herstel van energie en concentratie. Ze zorgen dat het lichaam kan herstellen, zodat verlangen niet eindigt als een abstract plan, maar een energie heeft die het kan dragen.
In dit mensbeeld is levenskracht geen luxe, maar een voorwaarde. Niet wie het meeste wil of het hardste denkt, realiseert het meeste, maar wie genoeg energie heeft opgebouwd om verlangen werkelijk te dragen, en elke dag een stap zet die het lichaam aankan.
Valkuilen
Valkuilen van mannen
De mannelijke valkuil is dat verlangen losraakt van voelen en verhardt tot actie, doel of prestatie.
De man blijft dan bewegen, kiezen en najagen, maar niet meer vanuit innerlijke afstemming. Verlangen wordt wilskracht, verovering of bewijsdrang. Het risico is dat hij:
– voorbijgaat aan het werkelijke verlangen (van zichzelf of van de ander),
– niet meer kan ontvangen,
– leegte probeert te vullen met actie.
Zijn verlangen wordt zichtbaar, maar niet meer belichaamd.
Valkuil van vrouwen
De vrouwelijke valkuil is dat verlangen niet naar buiten durft te komen en blijft hangen in verwachting, hoop of wachten.
De vrouw voelt wel degelijk verlangen, maar drukt het niet uit uit angst om te veel te zijn, te vragen of afgewezen te worden. Verlangen verandert dan in:
– afwachten zonder uitnodiging,
– testen of manipuleren,
– stille teleurstelling.
Haar verlangen is aanwezig, maar onzichtbaar en ongedragen.
In de kern
verliest de man zijn waarheid door te veel naar buiten te gaan zonder naar binnen te blijven luisteren.
verliest de vrouw haar kracht door te veel naar binnen te blijven zonder haar verlangen te laten verschijnen.
Volwassen dynamiek ontstaat wanneer:
– de man handelt vanuit zijn innerlijke verlangen,
– de vrouw haar innerlijke verlangen laat zien zonder het te forceren.
Wat de psychologie inmiddels bevestigt
Wat het joodse denken intuïtief al wist, wordt door de moderne psychologie bevestigd: gedragsverandering en realisatie van verlangen zijn primair energievraagstukken, geen motivatieproblemen.
Burn-out, stress en uitputting worden vaak gezien als een tekort aan wilskracht of doorzettingsvermogen. Onderzoek laat echter zien dat dit vooral een uitputting van het lichaam en het zenuwstelsel is. Het polyvagaal systeem — verantwoordelijk voor het reguleren van stress, veiligheid en sociale verbinding — bepaalt of we überhaupt kunnen handelen. Als dit systeem overbelast is, blokkeren uitvoerende functies: plannen maken, keuzes volhouden, dagelijkse stappen zetten. Wilskracht of een positieve mindset alleen is dan onvoldoende.
Tegelijkertijd blijkt dat wachten tot “genoeg energie” aanwezig is, vaak een valkuil. Veel mensen, vooral hoogbegaafden, blijven hangen in afwachting van optimale vitaliteit, terwijl juist het aangaan van een uitdaging energie kan geven. Levenskracht is geen statische voorraad, maar een dynamisch proces. Elke stap die je binnen je draagkracht zet, is een echte stap richting je verlangen en levert tegelijkertijd energie op om de volgende stap te nemen.
Daarnaast gaat het niet alleen om het herstel van energie, maar ook om begrijpen waarom lichaam en zenuwstelsel uitgeput raakten (inzicht). Bewust worden van waar je energie verloren gaat — stress, overbelasting, ongezonde routines, te weinig uitdagingen, verwachtingen van anderen — is essentieel. Een hulpmiddel daarbij is het maken van een “levenslijn”: een overzicht van gebeurtenissen, keuzes en periodes van spanning en herstel. Zo’n overzicht laat zien waar draagkracht afneemt en waar herstel nodig is, welke aannames en overtuigingen elke keer roet in het eten gooien en maakt zichtbaar welke stappen werkelijk haalbaar zijn binnen je mogelijkheden. Inzicht in je eigen energie- en levenspatroon wordt zo een voorwaarde voor het stap-voor-stap realiseren van verlangen.
Hierdoor wordt zichtbaar wat we eerder zagen bij ratzon bilvad of chochma zonder gevura: verlangen en inzicht zijn aanwezig, maar de brug naar doen ontbreekt nog. Psychologie bevestigt nu wat het joodse denken altijd al benadrukte: herstel en opbouw van levenskracht zijn geen bijzaak, maar de voorwaarde voor realisatie. Pas wanneer lichaam en energie beschikbaar zijn, kan verlangen afdalen in concrete handelingen en kan intrinsieke motivatie werkelijk bloeien.
Kortom: het gaat niet om wachten tot alles perfect is, maar om stap voor stap handelen — elke kleine stap telt, elke stap voedt de volgende, en zo wordt verlangen geleidelijk waarneembaar in het leven.
Het echte probleem van onze tijd
We leven in een tijd waarin bijna alles meetbaar, planbaar en verhandelbaar is. Iedereen die wil, kan opleidingen volgen, begeleiding krijgen, of instanties inschakelen bij tegenslag. Dromen en verlangen worden meer dan ooit aangemoedigd, maar het vermogen om er echt voor te gaan wordt nauwelijks geoefend.
Bijbelse verhalen laten zien hoe anders dat was. Jozef droomde van leiderschap, maar belandde in slavernij en gevangenschap voordat zijn droom werkelijkheid werd. David werd gezalfd tot koning, maar moest jarenlang vluchten en overleven in grotten. Mozes werd geroepen tot bevrijder, maar moest veertig jaar wachten in de woestijn. Hun dromen gaven richting, maar geen onmiddellijke beloning. Realisatie vroeg doorzettingsvermogen, offers en een lange weg van geduld en handelen.
Tegenwoordig verwachten we bij tegenslag vaak directe hulp van de staat, instanties of systemen. Terwijl echte dromen, echte verlangens, iets vragen dat we zelf moeten dragen, stap voor stap. Het probleem van onze tijd is dus niet gebrek aan dromen, ambitie of mogelijkheden, maar dat we niet meer geleerd hebben om echt ergens voor te gaan, om tegenslag te dragen en er doorheen te handelen.
We hebben geen gebrek aan dromen, maar aan moed en draagkracht.
De derde weg
Als reactie op onze tijd ontstaan meestal twee uitersten.
Aan de ene kant: forceren. Alles onder controle willen hebben, elke stap willen plannen, elke tegenslag meteen willen oplossen. Een rationeel, doelgericht geweld tegen de werkelijkheid.
Aan de andere kant: loslaten. Afwachten tot er energie is, tot omstandigheden perfect lijken, tot hulp van buitenaf arriveert. Een passieve, afwachtende houding.
Maar misschien is er een derde weg. Een weg die niet begint bij wilskracht of perfecte planning, en ook niet bij wachten of overgave. Het is de weg van levenskracht actief cultiveren: het dagelijks zetten van kleine, bewuste stappen, het dragen van het verlangen, het leren omgaan met tegenslag, het ontwikkelen van een volharding die niet geforceerd is, maar wél actief.
Zoals Jozef, David en Mozes leerden: dromen geven richting, maar de weg ernaartoe is een oefening in draagkracht, offerbereidheid en volharding. Het vraagt tijd, vallen en opstaan, en het vermogen om te handelen ook als omstandigheden tegenzitten.
Misschien ligt de sleutel tot verandering dus niet in wat we nog moeten willen, maar in wat we eerst weer moeten kunnen dragen.
Niet in theorie, niet in verlangen alleen, maar in de dagelijkse stappen die ons lichaam, ons handelen en ons karakter samenbrengen met het verlangen dat we koesteren.
Het is geen simpele truc, geen magisch recept, geen checklist. Het is een uitnodiging om te experimenteren, te oefenen, en te ontdekken hoe verlangen, levenskracht en realisatie in elkaar grijpen — stap voor stap, elke dag opnieuw.
LEES VERDER: levenskracht-en-geesteskracht/