De dubbel bijzondere dertiger
Het leven van de dubbel bijzondere dertiger balanceert tussen uitersten. Deze volwassenen combineren hoogbegaafdheid met leer- en/of gedragsproblemen zoals ADHD, ASS, dyslexie, angststoornissen of stemmingsproblemen. (Lees: hoogbegaafd-misdiagnoses/) Dit creëert vaak een complex en tegenstrijdig beeld: een briljante denker die worstelt met organiseren, een creatieve geest die structureel onderpresteert, of een empathisch mens die sociaal moeilijk aansluiting vindt.
Veel dubbel bijzondere dertigers zijn jarenlang onbegrepen gebleven, niet alleen door hun omgeving, maar ook door zichzelf. Ze beschikken over voldoende intelligentie om te maskeren waar het misgaat, maar botsen met systemen die hun unieke talenten niet herkennen of adequaat ondersteunen. Hierdoor komen relaties, werk en zelfzorg onder druk te staan, juist omdat deze dertigers niet binnen het gangbare plaatje passen.
Vaak worden ze niet als hoogbegaafd herkend, omdat hun prestaties gemiddeld lijken, hun gedrag als storend wordt ervaren en hun functioneren inconsistent is. De kern ligt zelden in onwil, maar in een mismatch tussen hun potentieel en de context waarin ze opereren, gecombineerd met onbegrepen intensiteit.
Dit artikel onderzoekt hoe de dubbel bijzondere dertiger zich beweegt binnen systemen en welke embodied patronen – zoals een ‘lege toolbox’ aan executieve functies en subtiele ‘weerstand’ – zichtbaar worden. De koppeling met Overexcitabilities (OE’s) biedt een vernieuwend perspectief op gedragsproblemen: niet als een tekort, maar als een signaal van innerlijke complexiteit en potentieel.
Theorie: Profiel van de dertiger met leer- en/of gedragsproblemen
Dit profiel betreft volwassenen die zich bevinden in een complexe en vaak onderkende positie: zij combineren kenmerken van hoogbegaafdheid met leer- en/of gedragsproblemen. Deze ‘dubbel bijzondere’ dertigers laten een wisselend patroon zien van prestaties en gedrag, waarbij zij regelmatig onder hun potentieel presteren en gedragsuitdagingen ervaren die hun functioneren op het werk en in sociale contexten belemmeren.
De combinatie van een hoog intellectueel niveau met leer- of gedragsuitdagingen leidt tot een unieke dynamiek die vaak voor misverstanden zorgt, zowel binnen professionele omgevingen als in persoonlijke relaties. Het zelfbeeld van deze groep is vaak kwetsbaar; zij ervaren frustratie over hun inconsistente prestaties en de moeizame aansluiting bij verwachtingen van henzelf en hun omgeving.
Typische kenmerken zijn onder meer:
– Inconsistentie in werkprestaties: zij wisselen tussen excellente prestaties en periodes waarin zij duidelijk onder hun capaciteiten blijven, vaak zonder direct aanwijsbare reden. Dit zorgt voor onvoorspelbaarheid en onbegrip bij collega’s en leidinggevenden.
– Gedragsproblemen: uitingen kunnen variëren van prikkelbaarheid, frustratie-uitbarstingen tot sociale terugtrekking. Deze gedragingen zijn vaak een reactie op de spanning tussen hun mogelijkheden en de uitdagingen die zij ervaren.
– Gemiddelde of ondergemiddelde resultaten: ondanks een hoge intellectuele capaciteit blijven de behaalde resultaten achter, vaak door executieve functiestoornissen (zoals problemen met planning en organisatie), concentratieproblemen of motivatieverlies.
– Moeizame sociale relaties: impulsiviteit, prikkelbaarheid en moeite met sociale signalen leiden regelmatig tot conflicten of gevoelens van isolement.
Veel dubbel bijzondere dertigers hebben daarnaast comorbide aandoeningen zoals ADHD, ASS (autismespectrumstoornis), dyslexie, of kampen met emotionele problematiek zoals angst en depressie. De combinatie van intellectuele hoogbegaafdheid met deze bijkomende uitdagingen maakt het herkennen en begeleiden van deze groep complex en vraagt om een genuanceerde aanpak.
Een belangrijk aandachtspunt is dat veel GGZ-professionals onvoldoende kennis hebben over hoogbegaafdheid, waardoor de kans op misdiagnoses groot is. Dit belemmert effectieve hulpverlening en versterkt het gevoel van onbegrepen zijn bij de dubbel bijzondere dertiger.
Voor een diepgaander inzicht in deze problematiek en de overlap met diverse diagnoses en gedragskenmerken, verwijs ik graag naar mijn artikelen:
* hoogbegaafd-misdiagnoses/
* hoogbegaafd-en-misdiagnoses/
* hoogbegaafd-doe-maar-gewoon/
* hoogbegaafdheid-en-autisme/
* hoogbegaafdheid-en-odd/
* hoogbegaafdheid-en-persoonlijkheidsstoornissen/
* hoogbegaafdheid-en-adhd/
* zwakbegaafd-werd-hoogbegaafd/
* hoogbegaafdheid-en-slecht-slapen/
* hoogbegaafdheid-en-misdiagnoses-waarom/
* maatschappelijke-kostenpost-hoogbegaafdheid/
Deze bronnen bieden uitgebreide handvatten om de dubbel bijzondere dertiger beter te begrijpen en adequaat te ondersteunen.
Embodio’s die vaak voorkomen
Bij de dubbel bijzondere dertiger zijn bepaalde embodied patronen opvallend aanwezig die de complexe dynamiek tussen hoogbegaafdheid en leer- en/of gedragsproblemen illustreren. Deze embodied gedragingen bieden inzicht in hoe deze volwassenen functioneren, welke belemmeringen zij ervaren en waar ondersteuning effectief kan worden ingezet.
Lege toolbox executieve functies (Embodio 6)
Veel dubbel bijzondere dertigers worstelen met executieve functies zoals plannen, organiseren, taakinitiatie en tijdsbeheer. Ondanks hun intellectuele capaciteit ontbreekt het hen vaak aan een ‘gevulde toolbox’ met praktische vaardigheden om hun taken effectief en gestructureerd aan te pakken. Dit leidt tot chaotisch functioneren, vergeten deadlines, moeite met prioriteiten stellen en een gevoel van overweldiging. De discrepantie tussen wat zij ‘kunnen’ en wat zij daadwerkelijk realiseren veroorzaakt stress en zelftwijfel. Deze embodied tekortkoming vraagt om gerichte interventies die executieve vaardigheden trainen en structureringshulpmiddelen bieden.
Weerstand (Embodio 9)
Dubbel bijzondere dertigers vertonen vaak subtiele tot uitgesproken vormen van weerstand, vooral wanneer zij zich niet begrepen voelen of de verwachtingen onduidelijk zijn. Dit kan zich uiten in passieve weerstand, zoals uitstelgedrag, of in openlijke verzet tegen autoriteit en regels. Deze weerstand is vaak een uiting van innerlijke spanning en frustratie, veroorzaakt door het niet goed kunnen voldoen aan externe eisen vanwege hun complexe profilering. Het is essentieel deze weerstand niet louter als ‘lastig gedrag’ te zien, maar als een signaal van een mismatch tussen hun behoeften en de omgeving.
Sociale omgang is lastig (Embodio 10)
Het onderhouden van sociale relaties vormt voor veel dubbel bijzondere dertigers een uitdaging. Moeilijkheden in sociale communicatie, een gevoel van anders-zijn en de behoefte aan betekenisvolle interacties zorgen ervoor dat oppervlakkige gesprekken als zinloos of vermoeiend worden ervaren. Dit kan leiden tot sociale terugtrekking, conflicten of gevoelens van isolatie. Bovendien kunnen prikkelbaarheid en impulsiviteit de sociale contacten verder onder druk zetten. Het herkennen van deze embodied patronen helpt om sociale uitdagingen beter te begrijpen en ondersteuningsmogelijkheden te bieden die aansluiten bij hun emotionele en sociale beleving.
Overexcitabilities (OE) passend bij dit profiel
Binnen het model van Dabrowski worden Overexcitabilities (OE) omschreven als verhoogde gevoeligheden of intensiteiten op verschillende gebieden van het functioneren. Bij de dubbel bijzondere dertiger spelen met name de psychomotorische en emotionele OE een grote rol, wat bijdraagt aan hun complexe gedrags- en emotionele profiel.
Psychomotorische OE
Deze vorm van OE uit zich in een verhoogde lichamelijke energie, impulsiviteit en rusteloosheid. Dubbel bijzondere dertigers ervaren vaak een innerlijke drang tot bewegen, moeite met stilzitten en een snelle neiging tot handelen zonder uitgebreide planning. Dit kan leiden tot impulsief gedrag en het overslaan van belangrijke stappen in taken, wat bijdraagt aan de eerder beschreven problemen met executieve functies. De psychomotorische overprikkeling maakt het lastig om consistent en gestructureerd te werken, wat het functioneren in studie- en werkomgevingen bemoeilijkt.
Emotionele OE
De emotionele overexcitability kenmerkt zich door een diepe gevoeligheid voor stress, frustraties en sociale spanningen. Dubbel bijzondere dertigers ervaren emoties intens en vaak grillig, wat leidt tot gevoelens van onzekerheid, faalangst en frustratie over het niet kunnen voldoen aan eigen en externe verwachtingen. Deze emotionele intensiteit kan zich uiten in stemmingswisselingen, snel gekwetst zijn en het moeilijk kunnen reguleren van gevoelens. Dit verhoogt het risico op sociale terugtrekking en conflicten, en beïnvloedt het zelfbeeld negatief.
De combinatie van psychomotorische en emotionele OE creëert een innerlijke dynamiek waarin hoge intellectuele vermogens worden uitgedaagd door een voortdurende strijd met impulsiviteit en emotionele intensiteit. Het herkennen en begrijpen van deze OE helpt niet alleen bij het verklaren van gedragsproblemen, maar opent ook perspectieven voor passende begeleiding die recht doet aan de complexe innerlijke belevingswereld van deze groep.
Casus: Lisa, 33 jaar, secretaresse
Profiel en werksituatie
Lisa is een 33-jarige secretaresse die bekendstaat om haar scherpe intelligentie en creativiteit. Ondanks haar verstandelijke capaciteiten ervaart ze regelmatig problemen op het werk. Haar prestaties zijn wisselend: op sommige dagen werkt ze uiterst nauwkeurig en efficiënt, terwijl ze op andere dagen taken uitstelt of vergeet, wat leidt tot frustratie bij haarzelf en collega’s. Lisa voelt zich vaak overweldigd door de vele prikkels en verwachtingen binnen haar werkcontext.
Embodied gedrag
Lisa toont duidelijk de embodied patronen van een ‘lege toolbox’ als het gaat om executieve functies. Ze worstelt met planning, timemanagement en het organiseren van haar werk, wat regelmatig resulteert in het missen van deadlines en een gevoel van chaos. Tegelijkertijd ervaart ze ‘weerstand’ wanneer haar leidinggevende haar vraagt extra verantwoordelijkheid op zich te nemen, vooral omdat onduidelijkheid over wat er precies verwacht wordt haar onzeker maakt. In sociale interacties met collega’s voelt Lisa zich vaak onzeker en teruggetrokken, wat past bij de embodied patroon ‘sociale omgang is lastig’. Ze vindt het moeilijk om informele gesprekken aan te knopen en voelt zich soms buitengesloten, wat haar motivatie verder ondermijnt.
Invloed van Overexcitabilities (OE)
Lisa’s psychomotorische OE manifesteert zich in innerlijke onrust en impulsiviteit, waardoor ze soms snel afgeleid is en moeite heeft om geconcentreerd te blijven. Haar emotionele OE zorgt ervoor dat ze frustraties en teleurstellingen diep en intens beleeft. Kleine tegenslagen kunnen haar uit balans brengen en leiden tot gevoelens van faalangst en zelfkritiek. Deze verhoogde emotionele gevoeligheid versterkt haar behoefte aan duidelijkheid en structuur, maar juist die ontbreekt vaak in haar werkomgeving.
Concreet voorbeeld van een werkuitdaging en omgang ermee
Onlangs kreeg Lisa de taak om een belangrijk verslag te coördineren voor een projectteam. Ze begon vol enthousiasme, maar al snel raakte ze het overzicht kwijt. Door gebrek aan een goede planning en het uitstellen van bepaalde onderdelen, liep het project vertraging op. Haar leidinggevende merkte haar inconsistentie op en gaf haar feedback, waarop Lisa zich direct defensief opstelde en het gevoel kreeg niet begrepen te worden. Na een begeleidingsgesprek ontdekte Lisa dat het benoemen van haar behoeftes aan duidelijke instructies en haar valkuilen bij planning haar hielp om gerichter ondersteuning te vragen. Door kleine hulpmiddelen zoals checklists en vaste overlegmomenten ervaarde ze minder stress en kreeg ze langzaam meer grip op haar werk.
Reflectieve vragen: Inzicht in de dubbel bijzondere dertiger
De positie van de dubbel bijzondere dertiger is vaak complex en uitdagend. Het combineren van hoogbegaafdheid met leer- en/of gedragsproblemen creëert een dynamiek die niet altijd goed begrepen wordt, zowel door henzelf als door hun omgeving. Deze vragen nodigen uit tot zelfreflectie en helpen om beter te begrijpen welke factoren het functioneren beïnvloeden. Ze kunnen ook richting geven aan passende ondersteuning en persoonlijke ontwikkeling.
- Welke situaties of taken ervaar jij (of de persoon die je begeleidt) als het meest uitdagend in het dagelijkse werk of studie? Hoe uit zich dat in gedrag of gevoelens?
- Op welke momenten merk je dat je moeite hebt met plannen, organiseren of het volhouden van taken? Welke gevolgen heeft dat voor jou?
- Herken je bij jezelf momenten van weerstand of vermijding? Wat lijkt daarvan de oorzaak?
- Hoe ga je om met sociale contacten op het werk of in andere settings? Welke patronen van terugtrekking of conflicten komen daarbij voor?
- Welke emoties ervaar je het meest intens? Hoe beïnvloeden deze je functioneren en relaties?
- In hoeverre krijg je voldoende ondersteuning of begrip voor jouw unieke combinatie van talenten en uitdagingen? Wat zou jou kunnen helpen om beter te functioneren?
- Welke strategieën heb je zelf ontwikkeld om met je wisselende prestaties om te gaan? Welke werken, en welke juist niet?
- Hoe ga je om met faalangst of zelfkritiek? In hoeverre belemmert dit je om je volle potentieel te benutten?
Door deze vragen te onderzoeken, ontstaat er ruimte voor meer zelfinzicht en het vinden van effectieve manieren om te navigeren in een wereld die niet altijd is ingericht op de dubbel bijzondere dertiger.
LEES VERDER:
* embodios-van-tessa-kieboom/
* hoogbegaafd-werknemers/
* hoogbegaafd-liefdespartners/
* hoogbegaafd-misdiagnoses/
* Overexcitabilities/
De profielen:
1. De zelfsturend autonome dertiger
2. De aangepast succesvolle dertiger
3. De uitdagend creatieve dertiger
4. De onderduikende dertiger
5. De risicodertiger / drop-out
6. De dubbel bijzondere hoogbegaafde